1
Breng een bekisting aan met voldoende openingen voor het vullen en ontluchten van de ruimte. Maak de ondergrond vrij van vet, olie, curing compounds en andere stoffen die nadelig zijn voor de hechting.
2
Ruw de ondergrond eventueel op en verzadig de te bewerken oppervlakte met water 24 uur voor het aanbrengen van de mortelspecie. Verwijder het overtollig water vlak voor het aanbrengen van de mortelspecie.
3
Giet de mortelspecie zonder onderbreking vanuit één zijde of hoek om luchtinsluiting te voorkomen. De maximale laagdikte is 50 mm. Zorg voor een goede vulling van de ruimte en giet de bekisting vol tot aan de rand.
4
Door het zwelgedrag van de mortel tijdens de uitharding zullen de ondergoten ruimten ook nà uitharding volledig gevuld blijven.